ECLI:NL:GHARL:2026:4031
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep afwijzing verzoek wijziging voorlopige zorgregeling voor minderjarige
De vader en moeder oefenen gezamenlijk het ouderlijk gezag uit over hun in 2024 geboren dochter, die bij de moeder woont. Na een periode zonder contact en begeleide omgang is de omgang beperkt tot twee uur per week onder begeleiding. De vader verzocht de rechtbank om een voorlopige voorziening waarbij de zorgregeling aanzienlijk zou worden uitgebreid.
De rechtbank stelde een voorlopige zorgregeling vast met begeleide omgang van twee uur per week en wachtte een raadsonderzoek af. De vader ging in hoger beroep tegen deze beschikking en verzocht het hof de voorlopige zorgregeling te wijzigen conform zijn verzoek.
Het hof oordeelt dat de vader ontvankelijk is in zijn hoger beroep, maar wijst het verzoek af. Het raadsonderzoek is nog gaande en het hof wil niet vooruitlopen op de uitkomsten daarvan. Hoewel de omgang positief verloopt, zijn er zorgen over de complexe dynamiek tussen ouders en de veiligheid van het kind. Het hof benadrukt het belang van vrij contact met beide ouders en het nemen van verantwoordelijkheid door de ouders.
De voorlopige zorgregeling wordt bekrachtigd en het verzoek tot wijziging afgewezen. Het hof beveelt een herstelgesprek tussen vader en begeleider om de omgang te hervatten.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot wijziging van de voorlopige zorgregeling af en bekrachtigt de beschikking van de rechtbank.