ECLI:NL:GHARN:1998:AA1088
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- N.E. Haas
- Matthijssen
- F.J.P.M. Haas
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag omzetbelasting en boete wegens niet-toepassen verleggingsregeling
Belanghebbende, een schildersbedrijf, bracht in 1990 een bedrag van ƒ 350.000,- in rekening aan *B BV, een projectontwikkelaar, zonder de verplichte vermelding "omzetbelasting verlegd" op de factuur en zonder belasting af te dragen. De inspecteur legde een naheffingsaanslag omzetbelasting op met een boete van 100%, waarvan 50% werd kwijtgescholden.
Belanghebbende voerde aan dat het bedrag betrekking had op werkzaamheden van haar directeur *C en andere medewerkers, die volgens haar onder de verleggingsregeling vielen. Het hof oordeelde dat de werkzaamheden vooral algemene managementtaken betroffen die niet onder de regeling vallen. Tevens was geen factuur met de vereiste vermelding uitgereikt en had *B BV de belasting niet als voorbelasting in aftrek gebracht.
Het hof bevestigde dat de verleggingsregeling niet van toepassing was en dat de naheffingsaanslag terecht was opgelegd. Ook was de boete proportioneel gezien de ernst van het vergrijp en werd geen matiging op grond van financiële omstandigheden toegekend. Het beroep van belanghebbende werd afgewezen.
Uitkomst: De naheffingsaanslag omzetbelasting en de boete van 50% worden bevestigd en het beroep van belanghebbende wordt afgewezen.