ECLI:NL:GHARN:1998:AA1137
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- N.E. Haas
- Matthijssen
- F.J.P.M. Haas
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen aanslag inkomstenbelasting 1991
Belanghebbende diende tijdig bezwaar in tegen de aanslag inkomstenbelasting over 1991. De inspecteur deed op 16 februari 1996 uitspraak op dit bezwaar. Vervolgens diende belanghebbendes gemachtigde op 28 maart 1996 een geschrift in, dat niet als beroepschrift werd aangemerkt. De inspecteur verklaarde dit geschrift niet-ontvankelijk en stuurde het niet door naar de rechter.
Belanghebbende stelde beroep in bij het Gerechtshof Arnhem tegen deze niet-ontvankelijkverklaring. Het geschil betrof de vraag of de inspecteur gebonden was aan een compromisvoorstel en of het ingediende geschrift als beroepschrift kon worden beschouwd.
Het hof oordeelde dat belanghebbende tijdig bezwaar had gemaakt en dat de inspecteur tijdig uitspraak had gedaan. Belanghebbende had echter nagelaten binnen de wettelijke termijn van zes weken na de uitspraak een beroepschrift in te dienen. De brief van 28 maart 1996 was geen beroepschrift. Het hof achtte aannemelijk dat belanghebbende correct was geïnformeerd over het aan te wenden rechtsmiddel.
Daarom bevestigde het hof de uitspraak van de inspecteur dat belanghebbende niet-ontvankelijk was in zijn bezwaar. Er waren geen gronden voor een kostenveroordeling. De uitspraak werd op 10 maart 1998 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: Het hof bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar en wijst het beroep af.