ECLI:NL:GHARN:1998:AA1337
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling onbeperkt verrekenbaar verlies en ondernemingsvermogen auto in belastingzaak
Belanghebbende exploiteerde vanaf 1995 een onderneming in de handel van voer, waarbij hij gebruik maakte van een oude vrachtwagen, een personenauto en een geleende aanhangwagen. De kern van het geschil betrof de vraag of de personenauto uit 1986 tot het ondernemingsvermogen behoorde. De inspecteur stelde dat dit het geval was, terwijl belanghebbende dit betwistte.
Het hof stelde vast dat belanghebbende de auto al ruim drie jaar vóór de start van zijn onderneming had aangeschaft en dat het gebruik ervan zowel zakelijk als privé was, waarbij 61,14% van de kilometers zakelijk was. Na aanschaf van een bestelbus begin 1996 werd de auto nauwelijks meer zakelijk gebruikt. Het hof oordeelde dat het redelijk was de auto tot het privévermogen te rekenen, ondanks het feit dat dit tot gevolg had dat de autokosten hoger waren dan de werkelijke kosten die ten laste van het resultaat werden gebracht.
Het hof vernietigde de uitspraak van de inspecteur, stelde het onbeperkt verrekenbare verlies voor 1995 vast op ƒ 21.844, en veroordeelde de inspecteur tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht. De beslissing werd op 9 juni 1998 uitgesproken door het gerechtshof Arnhem, zevende enkelvoudige belastingkamer.
Uitkomst: Het hof stelde het onbeperkt verrekenbare verlies over 1995 vast op ƒ 21.844 en rekende de auto tot het privévermogen.