ECLI:NL:GHARN:1999:AA4402
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N.E. Haas
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanslag ingezetenenomslag waterschap ondanks bezwaar belanghebbende
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslag ingezetenenomslag van het waterschap A over het jaar 1998, met name tegen het tarief van ƒ 10,- voor waterkeringszorg. Hij stelde dat zijn woonruimte zodanig hooggelegen is dat hij geen specifiek belang heeft bij waterkeringszorg en daarom vermindering van de aanslag verlangde.
Het gerechtshof oordeelde dat artikel 116, onderdeel d, van de Waterschapswet en de Verordening op de waterschapsomslagen niet vereisen dat een ingezetene een specifiek belang heeft bij waterkeringszorg om te worden aangeslagen. Het algemene belang van iedere ingezetene binnen het gebied van het waterschap is voldoende grondslag voor de heffing.
Verder werd vastgesteld dat het tarief van ƒ 10,- niet geheven werd van ingezetenen wier woonruimte buiten het gebied met waterkeringszorg ligt, wat in overeenstemming is met het beleid van de Unie van Waterschappen. De grief van belanghebbende werd daarom verworpen en de aanslag bevestigd.
Er werden geen proceskosten toegewezen omdat de voorwaarden daarvoor niet waren vervuld. De uitspraak werd mondeling gedaan op 16 december 1999 door raadsheer N.E. Haas, lid van de derde enkelvoudige belastingkamer van het gerechtshof Arnhem.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de aanslag ingezetenenomslag en wijst het bezwaar van belanghebbende af.