ECLI:NL:GHARN:2000:AA9045
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Steeg
- Rijken
- Van Loo
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid gemeente in verzoek tot opheffing schorsing tenuitvoerlegging dwangbevel
De gemeente heeft bij het Gerechtshof Arnhem een verzoek ingediend tot opheffing van de schorsing van de tenuitvoerlegging van een dwangbevel dat was uitgevaardigd tegen de exploitatie van een coffeeshop door de geïntimeerde. Dit dwangbevel was gebaseerd op een besluit van de burgemeester om de exploitatie te beëindigen wegens overtreding van een eerdere sluitingsbeschikking.
De rechtbank had eerder het beroep van de geïntimeerde tegen het dwangbevel ongegrond verklaard en het verzet tegen het dwangbevel afgewezen, behoudens een deel van de invorderingskosten. De gemeente wilde de schorsing van de tenuitvoerlegging opgeheven zien op grond van artikel 5:26 lid 4 Awb Pro, dat de rechter de mogelijkheid geeft de schorsing op verzoek van de gemeente op te heffen.
Het hof oordeelde dat het verzoek van de gemeente niet-ontvankelijk was omdat het verzoekschrift niet de juiste procedure was voor het vorderen van een voorlopige voorziening in een dagvaardingsprocedure. Volgens het hof dienen dergelijke voorlopige maatregelen in hoger beroep in de dagvaardingsprocedure te worden gevorderd en niet via een verzoekschrift. De gemeente kon daarom niet ontvankelijk worden verklaard in haar verzoek tot opheffing van de schorsing.
De beschikking werd gegeven door de kamer van mrs Steeg, Rijken en Van Loo en uitgesproken op 18 januari 2000.
Uitkomst: De gemeente is niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek tot opheffing van de schorsing van de tenuitvoerlegging van het dwangbevel.