ECLI:NL:GHARN:2001:AB1621

Gerechtshof Arnhem

Datum uitspraak
17 april 2001
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
98-00153
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • M.C.M. de Kroon
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 15.33 Wet milieubeheerArt. 3 Verordening reinigingsheffingen 1996Art. 5a Wet administratieve rechtspraak belastingzaken
Verwijzingen
1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep tegen aanslag afvalstoffenheffing 1997

Belanghebbende ontving voor het jaar 1997 een aanslag afvalstoffenheffing opgelegd door de gemeente Epe vanwege het feitelijk gebruik van een perceel waarvoor de gemeente verantwoordelijk is voor de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen.

Belanghebbende woont samen met haar dochter en schoonzoon in een woning met één huisnummer, maar beschikt over een eigen wooneenheid op de begane grond met aparte opgang en afsluitbare slaapkamer. De dochter en schoonzoon hebben eveneens een aanslag ontvangen voor hun wooneenheid.

De gemeente heeft op basis van een bouwtekening vastgesteld dat er sprake is van twee afzonderlijke wooneenheden, elk bestemd voor het voeren van een particuliere huishouding, waardoor de aanslag voor belanghebbende terecht is opgelegd. De stellingen van belanghebbende over gezamenlijke voorzieningen en het ontbreken van een dubbele woningvergunning werden niet als voldoende weerlegging aanvaard.

Het hof oordeelt dat belanghebbende niet ontvankelijk is in haar beroep en wijst een kostenveroordeling af. Tegen de mondelinge uitspraak is geen cassatieberoep mogelijk, tenzij er een schriftelijke uitspraak wordt aangevraagd.

Uitkomst: Belanghebbende is niet ontvankelijk verklaard in het beroep tegen de aanslag afvalstoffenheffing 1997.

Uitspraak

he
Gerechtshof Arnhem
eerste enkelvoudige belastingkamer
nummer 98/00153
Proces-verbaal mondelinge uitspraak
belanghebbende : X
woonplaats : Z
ambtenaar : het Hoofd van de sector Financieel Beleid en Beheer van de gemeente Epe
aangevallen beslissing : uitspraak van 25 november 1997 op bezwaar
soort belasting : afvalstoffenheffing
jaar : 1997
mondelinge behandeling : op 3 april 2001 te Arnhem door mr M.C.M. de Kroon, raadsheer, in tegenwoordigheid van mr J.L.M. Egberts als griffier
waarbij verschenen : belanghebbende en de gemachtigde van de ambtenaar
Gronden:
1. Aan belanghebbende is voor het jaar 1997 een aanslag afvalstoffen opgelegd ter zake van het feitelijk gebruik van een perceel waarvoor de gemeente de verplichting heeft tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen.
2. Belanghebbende bewoont met haar dochter en schoonzoon samen een woning aan de a-weg 1 te Z. Zij beschikt op de begane grond over een eetkamer, keuken, douche en toilet met een eigen opgang naar de tweede etage waarop zich haar slaapkamer bevindt. De slaapkamer en de opgang zijn beide afsluitbaar.
Belanghebbendes dochter en schoonzoon hebben in 1997 eveneens een aanslag afvalstoffen ontvangen.
3. Blijkens de door de ambtenaar ter zitting overgelegde bouwtekening van het perceel staat een wooneenheid specifiek ter beschikking aan de getrouwde dochter van belanghebbende en haar echtgenoot en staat de onder 1 genoemde wooneenheid specifiek ter beschikking van belanghebbende.
4. Onder die omstandigheden heeft de gemeente de wooneenheid die belanghebbende specifiek ter beschikking staat terecht aangemerkt als een afzonderlijk perceel dat blijkens indeling en inrichting bestemd is voor het voeren van een particuliere huishouding, waarin geregeld afvalstoffen kunnen ontstaan, als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer en artikel 3 van Pro de Verordening reinigingsheffingen 1996.
5. Daaraan doen niet af de stellingen van belanghebbende dat:
a. Er slechts sprake is van één woning met één huisnummer;
b. de gemeente een eerdere aanvraag voor verbouwing tot dubbele woning niet heeft ingewilligd;
c. de gemeente geen afzonderlijke set containers ter beschikking stelt;
d. de warme maaltijden gezamenlijk worden gebruikt;
e. diverse voorzieningen zoals wasmachine en centrifuge gezamenlijk worden gebruikt;
f. zij gelet op haar leeftijd en gesteldheid de nodige aandacht en verzorging behoeft;
g. alle vertrekken (thans) vrijelijk toegankelijk zijn.
6. Belanghebbendes stelling dat in soortgelijke situaties het opleggen van een aanslag afvalstoffenheffing achterwege is gebleven kan haar niet baten aangezien zij deze stelling niet met concrete gegevens onderbouwt.
Proceskosten
Het Hof acht geen termen aanwezig voor een kostenveroordeling als bedoeld in artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.
Beslissing:
Het gerechtshof verklaart belanghebbende niet ontvankelijk in zijn beroep.
Aldus gedaan en in het openbaar uitgesproken op 17 april 2001 door mw mr De Kroon, raadsheer, lid van de eerste enkelvoudige belastingkamer, in tegenwoordigheid van mr Egberts als griffier.
Waarvan opgemaakt dit proces-verbaal.
De griffier, Het lid van de voormelde kamer,
(J.L.M. Egberts) (M.C.M. de Kroon
Afschriften zijn aangetekend per post verzonden op 24 april 2001
Tegen deze mondelinge uitspraak is geen beroep in cassatie mogelijk; dat kan alleen tegen een schriftelijke uitspraak van het gerechtshof. Ieder van de partijen kan binnen vier weken na de verzenddatum van dit proces-verbaal het gerechtshof verzoeken de mondelinge uitspraak te vervangen door een schriftelijke. De vervanging van een mondelinge uitspraak door een schriftelijke strekt ertoe de mondelinge uitspraak in een andere vorm vast te leggen. Bij de vervanging van een mondelinge uitspraak mag het gerechtshof de gedane uitspraak niet aan een heroverweging onderwerpen.
De partij die om een vervangende schriftelijke uitspraak verzoekt is hiervoor griffierecht verschuldigd en krijgt daarover bericht van de griffier. Het griffierecht dat de belanghebbende betaalt ter verkrijging van een schriftelijke uitspraak, komt in mindering op het griffierecht dat de griffier van de Hoge Raad zal heffen als de belanghebbende beroep in cassatie instelt.