ECLI:NL:GHARN:2002:AE4122
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T.J. Matthijssen
- Rechtspraak.nl
Vermindering aanslag inkomstenbelasting wegens aftrekbare financieringsrente na fraude
Belanghebbende, voormalig statutair directeur van een dochteronderneming, pleegde fraude door middel van een zwart geld circuit van minimaal ƒ 800.000,-. Na ontdekking werd hij ontslagen en veroordeeld tot terugbetaling van ƒ 737.382,- plus rente. Hij financierde een deel van de terugbetaling door verhoging van de hypotheek op zijn woning.
De Inspecteur handhaafde een aanslag inkomstenbelasting over 1998 gebaseerd op een belastbaar inkomen van ƒ 126.963,-. Belanghebbende stelde dat de rentekosten van de hypotheekverhoging aftrekbaar waren als kosten verbonden aan de dienstbetrekking, en verzocht vermindering van het belastbaar inkomen tot ƒ 125.910,-.
Het hof oordeelde dat de financieringsrente direct verband hield met de restitutie van frauduleus onttrokken gelden en derhalve als aftrekbare kosten moest worden beschouwd. De aanslag werd verminderd tot het door belanghebbende gevorderde bedrag en de Inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten.
De uitspraak bevestigt dat rentekosten die verband houden met het terugbetalen van onrechtmatig verkregen inkomsten onder omstandigheden aftrekbaar kunnen zijn, ook al betreft het negatieve inkomsten uit arbeid. Het hof vernietigde de eerdere uitspraak en gaf belanghebbende gelijk in zijn standpunt.
Uitkomst: De aanslag inkomstenbelasting 1998 wordt verminderd tot een belastbaar inkomen van ƒ 125.910,- met aftrek van de financieringsrente.