ECLI:NL:GHARN:2002:AF3852
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.B.H. Röben
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt voortgezet ondernemerschap en toewijzing beroep tegen aanslag inkomstenbelasting 1997
Belanghebbende, geboren in 1930, dreef tot 1992 een onderneming bestaande uit een winkel en een drukkerij. Per 1 januari 1992 droeg hij de winkelactiviteiten over aan zijn schoonzoon, die met zijn dochter het bedrijf voortzette. Het woon-winkelpand werd verhuurd met een optie tot koop aan de dochter, die het pand in 1997 kocht.
De Inspecteur weigerde aftrek van een lijfrentepremie van f 140.000 in 1997, omdat hij meende dat belanghebbende zijn onderneming gedeeltelijk had gestaakt in 1992 en dat sprake was van een langlopende liquidatie. Belanghebbende stelde dat er sprake was van voortgezet ondernemerschap en dat de faciliteit van artikel 45a, lid 5, van de Wet van toepassing was.
Het Hof oordeelde dat de overdracht zakelijk was, dat het woon-winkelpand terecht tot het ondernemingsvermogen werd gerekend tot de uiteindelijke afwikkeling, en dat de winst uit de verkoop in 1997 verband hield met de staking van de winkelactiviteiten. Hierdoor was aftrek van de lijfrentepremie gerechtvaardigd.
Het beroep werd gegrond verklaard, de aanslag verminderd en de Inspecteur werd veroordeeld tot vergoeding van bezwaarkosten en proceskosten. De uitspraak werd gedaan door vice-president Röben op 31 december 2002.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de aanslag verminderd en de kosten worden aan belanghebbende vergoed.