ECLI:NL:GHARN:2003:AF9672
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.J.P.M. Haas
- Van Amsterdam
- Prof. Dr. Zwemmer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van vergoeding voor centrale inkoopactiviteiten binnen concern in vennootschapsbelasting
Belanghebbende, onderdeel van het A-concern, voerde beroep aan tegen een aanslag vennootschapsbelasting over 1993. Centraal stond de vergoeding die de Belgische dochtermaatschappij A-2 N.V. ontving voor het centraliseren van inkoopactiviteiten. A-2 N.V. kreeg een vergoeding van 1,25% van de brutoprijzen, terwijl haar kosten aanzienlijk lager waren, wat aanleiding gaf tot discussie over de zakelijkheid van deze vergoeding.
Het hof stelde vast dat A-2 N.V. uitsluitend onderhandelingen voerde over prijzen en betalingsvoorwaarden, terwijl de feitelijke bestellingen en betalingen door de werkmaatschappijen werden gedaan. De vergoeding was niet afhankelijk van de gerealiseerde kortingen, maar was een vast percentage van de brutoprijzen. Dit leidde tot een vermoeden dat de vergoeding niet overeenkwam met wat onafhankelijke partijen zouden overeenkomen.
Belanghebbende slaagde er niet in dit vermoeden te ontzenuwen. Het hof oordeelde dat de vergoeding niet onredelijk was en dat de correctie van de inspecteur in lijn was met het arm's length-beginsel en de geldende fiscale richtlijnen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de aanslag vennootschapsbelasting over 1993 wordt ongegrond verklaard.