ECLI:NL:GHARN:2003:AI0207
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.M. van Schie
- M.C.M. de Kroon
- J.P.M. Kooijmans
- Rechtspraak.nl
Beoordeling zakelijkheid renteloze lening in financiële herstructurering van concern
Belanghebbende, een Nederlandse vennootschap binnen een internationaal concern, voerde aan dat een renteloos deel van een lening (deel B) van ƒ 5.859.375 als fictieve rente ten laste van haar winst over 1995 mocht worden gebracht, stellende dat dit een informele kapitaalstorting betrof. De Inspecteur betwistte dit en stelde dat de lening zakelijk was en dat de renteloosheid werd gecompenseerd door een hogere rente op deel A van de lening.
Het hof stelde vast dat de moedermaatschappij en haar financieringsmaatschappij [A Ltd] de leningvoorwaarden herstructureerden om een dreigend faillissement van de moedermaatschappij en haar dochtervennootschappen af te wenden. De renteloze lening deel B was onderdeel van deze herstructurering en werd geaccepteerd omwille van het grotere zakelijke belang, niet uit onzakelijke of aandeelhoudersmotieven.
De rechtbank verwierp het standpunt van belanghebbende dat sprake was van een informele kapitaalstorting en oordeelde dat de lening zakelijk was. De fictieve rente over deel B mocht daarom niet ten laste van de winst worden gebracht. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de beschikking van de Inspecteur bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de fictieve rente over deel B van de lening mag niet ten laste van de winst worden gebracht.