ECLI:NL:GHARN:2003:AI1090
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep kort geding
- Houtman
- Smeeïng-van Hees
- Quint
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toepassing abonnementstarief bij ontbreken medewerkersovereenkomst in huisartsenvergoeding
In deze zaak stond centraal of bij het ontbreken van een medewerkersovereenkomst tussen een huisarts en zorgverzekeraar het abonnementstarief of het passantentarief toegepast moet worden als vergoeding voor verleende huisartsenzorg. Appellant vorderde betaling van bedragen gebaseerd op het passantentarief voor zorg aan verzekerden van geïntimeerde.
Het hof overwoog dat ondanks het ontbreken van een medewerkersovereenkomst, het beleid van het College Tarieven Gezondheidszorg (CTG) vanaf 1 januari 2002 bepaalt dat het abonnementstarief ook zonder overeenkomst aan huisartsen betaald moet worden voor zorg aan patiënten die bij hen op naam zijn ingeschreven. Het hof vond geen reden om hiervan af te wijken, ook niet voor de periode 1 juli 2001 tot 1 januari 2002.
Verder oordeelde het hof dat het toepassen van het passantentarief als drijfveer voor het sluiten van een nieuwe overeenkomst een oneigenlijk gebruik is, omdat het niet relevant is welk tarief kostenverhogend werkt. Ook eerdere jurisprudentie van de Hoge Raad bood geen aanleiding om af te wijken van het CTG-beleid.
De grieven van appellant werden verworpen en het hof bekrachtigde het vonnis van de voorzieningenrechter. Appellant werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter en wijst de vorderingen van appellant af.