ECLI:NL:GHARN:2004:AO4524
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.M. van Amsterdam
- F.J.P.M. Haas
- prof mr dr Monsma
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navorderingsaanslag en verhoging speelautomatenbelasting 1995
Belanghebbende, exploitant van speelautomaten, werd geconfronteerd met een navorderingsaanslag over 1995 waarbij de Inspecteur een correctie van ƒ 851.064,- toepaste op de opgegeven omzet speelautomaten, vermeerderd met een 100% verhoging. Belanghebbende betwistte deze correctie en de verhoging, stellende dat de gehanteerde berekeningen onjuist waren en dat de administratie voldeed.
Het hof stelde vast dat de administratie van belanghebbende onvoldoende was, met name door het ontbreken van registratie van tellerstanden en standplaatsen van speelautomaten, waardoor controle op de omzet niet mogelijk was. De Inspecteur baseerde zijn correctie op landelijke gemiddelden en bankontvangsten, wat het hof als een redelijke en onderbouwde methode beschouwde. De door belanghebbende aangevoerde rapporten (VAN-rapport en VU-rapport) werden als onvoldoende betrouwbaar beoordeeld.
Verder oordeelde het hof dat de verhoging van 100% terecht was vanwege voorwaardelijke opzet door belanghebbende, die bewust een onvolledige administratie voerde en daardoor de kans aanvaardde dat te weinig belasting werd betaald. Gezien de omstandigheden werd de verhoging echter gematigd tot 50%. Ook de correcties op tipgeld en accountantskosten werden deels aangepast. Het beroep werd gegrond verklaard voor zover de verhoging werd verminderd, en de navorderingsaanslag werd aangepast tot een belastbaar bedrag van € 475.538 met een 100% verhoging over de nagevorderde belasting behorende bij de correctie speelautomaten.
Uitkomst: Navorderingsaanslag bevestigd met correctie speelautomaten, verhoging gematigd tot 50%.