ECLI:NL:GHARN:2004:AQ2072
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging naheffingsaanslag en boetebeschikking motorrijtuigenbelasting wegens onvoldoende bewijs gebruik voertuig
Belanghebbende was houder van een motorrijtuig dat tijdens een geldende schorsing op 1 januari 2003 bij een visuele controle werd geconstateerd op de openbare weg. De Inspecteur legde daarop een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en een boetebeschikking op wegens het vermeende gebruik van het voertuig tijdens de schorsingsperiode.
Belanghebbende voerde aan dat het voertuig op het tijdstip van de controle niet op de weg was, maar in een garage stond voor verkoop, ondersteund door een verklaring van de directeur van het autobedrijf. Het Gerechtshof oordeelde dat dit de vermoedens van de Inspecteur voldoende ontkrachtte.
Daarom verklaarde het hof het beroep gegrond, vernietigde zowel de naheffingsaanslag als de boetebeschikking en gelastte de Inspecteur het griffierecht aan belanghebbende te vergoeden. Tegen deze mondelinge uitspraak is geen cassatieberoep mogelijk.
Uitkomst: De naheffingsaanslag en boetebeschikking motorrijtuigenbelasting worden vernietigd wegens onvoldoende bewijs van gebruik van het voertuig tijdens de schorsing.