ECLI:NL:GHARN:2007:BB2765
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A. Monsma
- Meussen
- Den Ouden
- Rechtspraak.nl
Uitspraak over tijdstip winstneming bij levering grond en bouw woning in projectontwikkeling
Belanghebbende, moedermaatschappij van een fiscale eenheid, voerde beroep aan tegen een aanslag vennootschapsbelasting 1999 opgelegd door de Inspecteur. De kern van het geschil betrof het tijdstip van winstneming bij projectontwikkelingsactiviteiten, met name of de levering van bouwrijpe grond en de bouw van woningen als één ondeelbare prestatie moeten worden gezien.
De feiten betroffen een project met 96 woningen, waarvan 61 een apart onderdeel vormden, waaronder de geselecteerde woning. De grond werd door de gemeente verkocht en bouwrijp gemaakt, waarna A BV de bouw aannam. De koop-/aannemingsovereenkomst stelde dat deze één geheel vormde, maar de levering van de grond vond afzonderlijk plaats met risico-overgang op de verkrijger.
Het Hof stelde vast dat de levering van de grond en de bouw van de woning afzonderlijke prestaties zijn die fiscaal apart beoordeeld moeten worden. De Inspecteur had een hogere winstneming op de grond bepleit via de residuele waarderingsmethode, maar het Hof verwierp dit omdat deze methode niet passend is voor het jaar 1999 en strijdig met het realisatiebeginsel. Het Hof verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de Inspecteur en verminderde de aanslag. Tevens werden proceskosten toegewezen aan belanghebbende.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard en de aanslag vennootschapsbelasting 1999 wordt verminderd.