ECLI:NL:GHARN:2007:BC6123
Gerechtshof Arnhem
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot vergoeding kosten rechtsbijstand na vrijspraak zonder strafoplegging
Verzoeker diende een verzoek in op grond van artikel 591a Sv tot vergoeding van kosten die hij aan zijn raadsman had betaald. De zaak eindigde zonder strafoplegging en zonder toepassing van artikel 9a Sr, waardoor vergoeding mogelijk is indien de raadsman als gekozen raadsman heeft opgetreden.
In eerste aanleg was een raadsman op last toegevoegd, die verzoeker betalend bijstond zonder de juiste kennisgeving aan de rechtbank en Raad voor Rechtsbijstand. Deze toevoeging bleef in stand, waardoor deze raadsman niet als gekozen raadsman kon worden aangemerkt. Verzoeker had voorschotten betaald aan deze raadsman, maar een einddeclaratie volgde niet.
De verdediging voerde aan dat het vrij stond om de toevoeging niet te gebruiken en dat vergoeding van de betaalde voorschotten daarom toewijsbaar was. Het hof oordeelde dat bij een last tot toevoeging volstrekte helderheid vereist is over het gebruik van de toevoeging en dat wijziging hiervan direct gemeld moet worden. Dit was niet gebeurd, waardoor vergoeding van de kosten van de raadsman op last niet mogelijk was.
Wel werd een forfaitaire vergoeding van €540 toegekend voor de kosten verbonden aan het indienen en behandelen van het verzoekschrift. Het hof wees verder alle overige verzoeken af en gelastte de uitbetaling van het toegekende bedrag.
Uitkomst: Verzoek tot vergoeding van kosten rechtsbijstand wordt deels toegewezen met een forfaitaire vergoeding van €540, maar vergoeding van voorschotten aan de raadsman op last wordt afgewezen.