ECLI:NL:GHARN:2007:BD6985
Gerechtshof Arnhem
- Raadkamer
- E.A.K.G. Ruys
- A. van Waarden
- F.J.H. Rutgers van der Loeff
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzoek vergoeding kosten rechtsbijstand bij betaling door werkgever
In deze zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen de beschikking van de rechtbank Zutphen die het verzoek tot vergoeding van kosten van rechtsbijstand had afgewezen. De rechtbank oordeelde dat omdat de kosten van rechtsbijstand waren gedeclareerd bij en voldaan door de werkgever van appellant, er geen grond bestond voor vergoeding aan appellant zelf.
Appellant vorderde een vergoeding van de kosten van rechtsbijstand, inclusief rente en kosten van het verzoek in hoger beroep. Het hof overwoog dat op grond van artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering alleen kosten die daadwerkelijk aan de gewezen verdachte zelf in rekening zijn gebracht en door hem zijn gedragen voor vergoeding in aanmerking komen.
Omdat de kosten in deze zaak door de werkgever zijn voldaan en niet ten laste van appellant komen, bestaat geen recht op vergoeding van deze kosten aan appellant. Ook voor de kosten van rechtsbijstand met betrekking tot het verzoek tot vergoeding geldt dezelfde regeling. Het hof bevestigde daarom de bestreden beschikking en wees het verzoek tot vergoeding af.
Uitkomst: Het hof bevestigt de afwijzing van het verzoek tot vergoeding van kosten rechtsbijstand omdat deze door de werkgever zijn voldaan en niet door appellant zelf.