ECLI:NL:GHARN:2007:BD6991
Gerechtshof Arnhem
- Raadkamer
- E.A.K.G. Ruys
- A. van Waarden
- P.H.A.J. Cremers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid verzoek ex artikel 591a Wetboek van Strafvordering
Appellant stelde een verzoek in op grond van artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering tot vergoeding van kosten van zijn raadsman voor het indienen en behandelen van een verzoek ex artikel 89 Sv Pro. De rechtbank Utrecht had dit verzoek afgewezen omdat de zaak niet was geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel. Appellant was op bepaalde tenlastegelegde feiten vrijgesproken en op andere veroordeeld tot een gevangenisstraf van acht weken.
Het hof heeft het hoger beroep tegen deze beschikking behandeld en bevestigd dat het verzoek niet-ontvankelijk is. Het hof overwoog dat de term “zaak” in artikel 89 Sv Pro dezelfde betekenis heeft als in artikel 258 Sv Pro en dat de feiten waarvoor geen straf of maatregel is opgelegd niet als een aparte zaak kunnen worden beschouwd. De grief van appellant dat er billijkheidsoverwegingen zijn om toch een vergoeding toe te kennen, werd niet gevolgd.
De beslissing van de rechtbank wordt bevestigd en het verzoek ex artikel 591a Sv wordt afgewezen. Het vonnis is uitgesproken door het gerechtshof Arnhem op 19 november 2007.
Uitkomst: Het hof verklaart appellant niet-ontvankelijk in zijn verzoek ex artikel 591a Sv en bevestigt de afwijzing van het verzoek tot vergoeding van kosten rechtsbijstand.