ECLI:NL:GHARN:2008:BD0946
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Van Ginhoven
- Wefers Bettink
- Van Zutphen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing adoptieverzoek na meerderjarigheid van het kind wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Verzoekster heeft bij de rechtbank Arnhem een adoptieverzoek ingediend voor het adopteren van haar nicht, die op het moment van het verzoek meerderjarig was geworden. De rechtbank wees het verzoek af omdat volgens artikel 1:288 BW Pro het kind op de dag van het verzoek minderjarig moet zijn. Verzoekster ging hiertegen in hoger beroep.
Tijdens de mondelinge behandeling verscheen verzoekster met haar advocaat en ook het kind was aanwezig. De Raad voor de Kinderbescherming was niet vertegenwoordigd. Het hof stelde vast dat aan alle wettelijke voorwaarden voor adoptie was voldaan behalve aan de voorwaarde dat het kind minderjarig moet zijn op het moment van het verzoek.
Verzoekster voerde aan dat er bijzondere omstandigheden waren, waaronder de langdurige sociale en emotionele band tussen haar en het kind, en dat het recht op familieleven (artikel 8 EVRM Pro) een uitzondering op de minderjarigheidsvoorwaarde zou kunnen rechtvaardigen. Het hof oordeelde dat het recht op adoptie niet onder het EVRM valt en dat de aangevoerde omstandigheden niet bijzonder genoeg zijn om af te wijken van de wettelijke eis.
Daarom bekrachtigde het hof de beschikking van de rechtbank Arnhem die het adoptieverzoek afwees. Het vonnis werd op 1 april 2008 uitgesproken door mr. Van Ginhoven, mr. Wefers Bettink en mr. Van Zutphen.
Uitkomst: Het adoptieverzoek wordt afgewezen omdat het kind meerderjarig was bij indiening en er geen bijzondere omstandigheden zijn die een uitzondering op artikel 1:288 BW rechtvaardigen.