ECLI:NL:GHARN:2008:BE2259
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- N.E. Haas
- Monsma
- Kemmeren
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt afwijzing liquidatieverlies vennootschapsbelasting 1999
X BV, opgericht in 1984 als houdstermaatschappij binnen een internationale groep, voerde activiteiten uit gericht op de verkoop van een prestigieus hotel en de financiering daarvan. Na verkoop en liquidatie van deelnemingen ontstond een liquidatieverlies dat X BV in haar aangifte vennootschapsbelasting 1999 in aftrek wilde brengen.
De Inspecteur weigerde dit liquidatieverlies in aftrek te nemen, stellende dat het opgeofferde bedrag nihil was en dat artikel 20, lid 5, Wet op de vennootschapsbelasting van toepassing was. X BV voerde aan dat zij geen onderneming dreef of dat deze pas na de verkoop was gestaakt, en dat het liquidatieverlies daarom wel aftrekbaar was.
Het Hof oordeelde dat X BV wel degelijk een onderneming dreef in de zin van artikel 6 Wet Pro IB, bestaande uit de organisatie van kapitaal en arbeid met het oog op winst. De onderneming was gestaakt vóór de verkoop van de aandelen in X BV. Het liquidatieverlies vloeit voort uit feiten die zich voor de aandeelhouderswisseling hebben voorgedaan, zodat artikel 20, lid 5, Wet op de vennootschapsbelasting van toepassing is.
Het beroep van X BV werd ongegrond verklaard en de aanslag vennootschapsbelasting 1999 gehandhaafd. Kostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van X BV wordt ongegrond verklaard en het liquidatieverlies wordt niet in aftrek genomen.