ECLI:NL:GHARN:2008:BE9969
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- C.M. Ettema
- J.P.M. Kooijmans
- G.T.K. Meussen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag omzetbelasting en boete wegens handel in gestolen auto’s
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over de periode 1 januari 2000 tot en met 11 maart 2003, met een boete en heffingsrente. De rechtbank had de aanslag en boete verminderd, maar het hof bevestigt deze uitspraak.
De zaak draait om de vraag of de Inspecteur de hoorplicht heeft geschonden en of de naheffingsaanslag en boete terecht zijn vastgesteld. Het hof oordeelt dat de hoorplicht niet is geschonden omdat belanghebbende niet expliciet om een hoorgesprek had verzocht en de Inspecteur voldoende heeft gewezen op die mogelijkheid.
Verder is vastgesteld dat belanghebbende handelde in gestolen auto’s en deze transacties buiten de administratie hield. Het hof sluit zich aan bij de rechtbank dat de Inspecteur een redelijke schatting van de verzwegen omzet heeft gemaakt, gebaseerd op een rapport van het Strafrechtelijk Financieel Onderzoek. Belanghebbende’s beroep op het bedrag uit een ontnemingsprocedure wordt verworpen vanwege verschillen in periode en berekeningsgrondslagen.
De boete wordt passend geacht omdat sprake is van opzet. Het hof wijst het beroep op verval van de boete wegens strafrechtelijke veroordeling af omdat het om verschillende feiten gaat. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de naheffingsaanslag en boete, waarbij de boete is vastgesteld op € 50.000 en de aanslag op € 377.876.