ECLI:NL:GHARN:2008:BG1692
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- W.L. Valk
- M.M. Olthof
- H.L. van der Beek
- F.J.A. baron van Verschuer
- H.B.M. Duenk
- Rechtspraak.nl
Prejudiciële vragen over toewijzing en vergoeding van toeslagrechten bij einde pacht
In deze zaak staat centraal wie bij het einde van een pachtovereenkomst gerechtigd is tot de toeslagrechten die aan de pachter zijn toegekend op grond van Europese verordeningen, en of en in welke mate vergoeding verschuldigd is tussen pachter en verpachter.
De pachter, die sinds 1982 grond van de gemeente pacht, ontkent dat de toeslagrechten aan de verpachter toekomen, terwijl de gemeente stelt dat de rechten vermogensrechten zijn die bij het einde van de pacht geheel of gedeeltelijk aan haar toekomen, met een redelijke vergoeding aan de pachter. De rechtbank wees de vorderingen van de gemeente grotendeels toe.
Het hof overweegt dat het Europese recht niet duidelijk voorziet in de vraag wie de toeslagrechten bij het einde van de pacht toekomen en legt daarom prejudiciële vragen voor aan het Hof van Justitie. De zaak wordt geschorst in afwachting van de beantwoording van deze vragen.
Uitkomst: Het hof schorst de procedure en legt prejudiciële vragen voor aan het Hof van Justitie over de toewijzing en vergoeding van toeslagrechten bij het einde van de pacht.