ECLI:NL:GHARN:2008:BG3880
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- W.L. Valk
- A. Smeeïng-van Hees
- M.M. Olthof
- F.J.A. baron van Verschuer
- ir. H.K.C. Roelofsen
- Rechtspraak.nl
Verlengingsverzoek pachtovereenkomst afgewezen wegens afstaan zeggenschap aan derde
In deze zaak stond de vraag centraal of de pachter de zeggenschap over het gepachte had afgestaan aan een derde partij, wat de verpachter betwistte. Na een getuigenverhoor en schriftelijke enquêtes oordeelde het hof dat de pachter de zeggenschap daadwerkelijk aan derden, te weten [A en B] en hun klanten, had overgedragen. Dit bleek onder meer uit overtuigende getuigenverklaringen en bewijsstukken zoals foto's en paardenpapieren.
Het hof stelde vast dat de paarden die op het gepachte liepen niet van de pachter waren, maar van derden, en dat deze derden ook de exploitatie van het gepachte verzorgden, inclusief het plaatsen van een omheining en het oogsten van gras. De pachter had onvoldoende tegenbewijs geleverd en had onware stellingen betrokken, wat zijn geloofwaardigheid aantastte.
Gelet op de nieuwe wettelijke regeling van de pacht die per 1 september 2007 in werking trad, besloot het hof dat het oude recht van toepassing bleef vanwege de lopende procedure en het beginsel van rechtszekerheid. Op grond daarvan en de vastgestelde feiten oordeelde het hof dat de bedrijfsvoering van de pachter niet voldeed aan de eisen van goed pachtgebruik, waardoor het verlengingsverzoek moest worden afgewezen.
Het hof vernietigde de eerdere beschikking van de rechtbank Roermond, wees het verlengingsverzoek af, stelde een ontruimingstermijn vast tot 1 december 2008 en veroordeelde de pachter in de proceskosten.
Uitkomst: Het verlengingsverzoek van de pachter is afgewezen en het gepachte dient uiterlijk 1 december 2008 te zijn ontruimd.