ECLI:NL:GHARN:2008:BG5507
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van belastingaanslag na verliesvaststellingsovereenkomst met inspecteur
Belanghebbende, die een onderneming had gedreven en in 1987 failliet werd verklaard, was het oneens met de belastingaanslag over 2006. De Inspecteur had in 1994 een overeenkomst gesloten met belanghebbende over de vaststelling van verliezen die verrekend konden worden met belastbare inkomens uit voorgaande jaren. Belanghebbende stelde dat het verlies hoger was dan overeengekomen, omdat niet alle oninbare debiteuren waren meegenomen.
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond en het Hof bevestigde deze uitspraak. Het Hof oordeelde dat belanghebbende gebonden is aan de overeenkomst, ook al was hij later van mening dat het verlies hoger was. Het beroep op dwaling faalde omdat niet aannemelijk was dat de Inspecteur zijn inlichtingenplicht had geschonden of dat andere gronden voor dwaling aanwezig waren.
Verder wees het Hof het standpunt van belanghebbende af dat verliezen anders verrekend hadden moeten worden, omdat de wet bepaalt dat verliezen worden verrekend met de inkomens van de vier jaren voorafgaand aan het jaar waarin het verlies is geleden. Het Hof concludeerde dat de Rechtbank het beroep terecht ongegrond verklaarde en bevestigde de uitspraak.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de uitspraak van de Rechtbank en verklaart het beroep van belanghebbende ongegrond.