ECLI:NL:GHARN:2008:BG6618
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- W.L. Valk
- M.M. Olthof
- H.L. van der Beek
- L.L.M. de Lorijn
- H. Rogaar
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bewijs pachtovereenkomst landbouwgrond uit 1983
In deze civiele procedure vordert appellant vastlegging van een pachtovereenkomst met betrekking tot twee percelen landbouwgrond gelegen in Nederland, die hij naar eigen zeggen in of omstreeks april 1983 mondeling met [B] heeft gesloten. De rechtbank Roermond wees de vordering af wegens onvoldoende bewijs.
Appellant stelde in hoger beroep dat hij met [B] een mondelinge pachtovereenkomst had gesloten waarbij hij de grond in gebruik kreeg en als tegenprestatie arbeid verrichtte op ander land van [B]. Het hof onderzocht de rechtsmacht en stelde vast dat de Nederlandse rechter bevoegd is, omdat de grond in Nederland gelegen is.
Het hof beoordeelde het bewijs, waaronder getuigenverklaringen, schriftelijke verklaringen en overgelegde kaarten en foto's. De verklaringen van appellant en zijn voormalig echtgenote werden onvoldoende geacht om het bestaan van de pachtovereenkomst te bewijzen, mede vanwege tegenbewijs zoals een notariële akte die verpachting verbood en verklaringen van getuigen die het gebruik van de grond betwistten. Ook de overgelegde kaarten en foto's konden geen bewijs leveren voor de situatie in 1983.
Het hof concludeerde dat appellant niet is geslaagd in het bewijs van de pachtovereenkomst en wees de grieven af. Het vonnis van de rechtbank werd bekrachtigd en appellant werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het arrest werd uitgesproken op 6 oktober 2008 door het gerechtshof Arnhem.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vordering tot vastlegging van de pachtovereenkomst af wegens onvoldoende bewijs.