ECLI:NL:GHARN:2009:BH3121
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- W.L. Valk
- G.P.M. van den Dungen
- H.L. van der Beek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlenging pachtovereenkomst na overlijden pachter tijdens procedure
In deze zaak stond de verlenging van een pachtovereenkomst centraal, waarbij de pachter tijdens de behandeling in eerste aanleg is overleden. De verpachter had voorafgaand aan de nieuwe pachttermijn medegedeeld geen verlenging te wensen, maar de pachter verzocht desondanks om verlenging op grond van het oude pachtrecht.
De rechtbank had de pachtovereenkomst verlengd met de wettelijke duur van zes jaren, ondanks het overlijden van de pachter, waarbij de erfgenaam als rechtsopvolger werd beschouwd. De verpachter stelde in hoger beroep dat de verlenging niet met de wettelijke duur, maar slechts tot de datum waarop de pachter 65 jaar zou worden, had moeten plaatsvinden.
Het hof oordeelde dat voor de inhoud van de rechterlijke beslissing de feiten en omstandigheden op het moment van die beslissing bepalend zijn. Het overlijden van de pachter tijdens de procedure en het feit dat de erfgenaam inmiddels pachter was, rechtvaardigden de verlenging met de wettelijke duur. De stelling dat redelijkheid en billijkheid een andere uitkomst vereisten, werd verworpen.
Het hof bevestigde daarmee de beschikking van de pachtkamer en veroordeelde de appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bevestigt de verlenging van de pachtovereenkomst met de wettelijke duur en wijst het hoger beroep van de verpachter af.