ECLI:NL:GHARN:2009:BH6943
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J.B.H. Röben
- A.J. Kromhout
- W.A.P. Nieuwenhuizen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergrijpboete omzetbelasting voor hoogopgeleide ondernemer
Belanghebbende, een hoogopgeleide ondernemer met kennis van bank- en verzekeringswezen, kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting en een vergrijpboete opgelegd voor de jaren 2001 tot en met 2003. De boete bedroeg aanvankelijk 50%, later verlaagd tot 45% door de Inspecteur. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna belanghebbende hoger beroep instelde.
Tijdens de procedure liet belanghebbende zijn grief tegen de berekening van de omzetbelasting vallen en richtte zich uitsluitend op de boete. Het Hof overwoog dat belanghebbende, gelet op zijn opleiding en kennis, had moeten weten dat de diensten van een assurantietussenpersoon vrijgesteld zijn van omzetbelasting en dat hij de systematiek van splitsing van voorbelasting bij gemengde prestaties kende. Door nalatigheid heeft hij willens en wetens het risico aanvaard dat te weinig belasting werd voldaan.
Het Hof achtte de opgelegde boete van 50% passend en niet in wanverhouding tot het vergrijp, mede gezien de onjuiste aangiften over drie jaren. De Inspecteur had de boete reeds met 10% verminderd vanwege de lange duur tussen boekenonderzoek en boeteoplegging. Verder matigen zag het Hof niet als gerechtvaardigd.
De Inspecteur had zich bij de boeteoplegging terecht beroepen op omkering en verzwaring van de bewijslast, maar er was geen sprake van een schatting van niet opgegeven omzet. Het Hof bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de vergrijpboete van 50% omzetbelasting en verklaart het hoger beroep ongegrond.