ECLI:NL:GHARN:2009:BH9065
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vorderingen inzake suikerbietenquotum na beëindiging pachtovereenkomst
In deze civiele zaak tussen partijen over een pachtovereenkomst en de samenhangende melk- en suikerbietenquota, heeft het hof het vonnis van de pachtkamer van de rechtbank Maastricht vernietigd voor zover het de vorderingen van geïntimeerde met betrekking tot het suikerbietenquotum afwees.
De zaak betreft onder meer de vraag of het suikerbietenquotum samenhangt met het gepachte perceel en de gevolgen van de beëindiging van de pachtovereenkomst per 1 december 2006. Het hof bevestigt dat het melkquotum samenhangt met het gepachte en dat aanspraken op het quotum doorgaans worden doorgeschoven bij het aangaan van een nieuwe pachtovereenkomst. De verkoop van het melkquotum zonder toestemming leidt tot een schadevergoeding aan de verpachter.
Het hof oordeelt dat ook het suikerbietenquotum samenhangt met het gepachte en wijst de vorderingen van geïntimeerde toe, waaronder vergoeding van wettelijke rente vanaf 1 december 2006, verstrekking van gegevens voor vaststelling van de aanspraak, overschrijving van het suikerbietenquotum of vergoeding van de waarde daarvan, en betaling van schadevergoeding voor voortgezet gebruik. De kosten van het principaal en incidenteel beroep worden aan appellant opgelegd.
Uitkomst: Het hof wijst de vorderingen met betrekking tot het suikerbietenquotum toe en veroordeelt appellant tot betaling van wettelijke rente en schadevergoeding.