ECLI:NL:GHARN:2009:BI2177
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J.P. Fokker
- H.C. Frankena
- C.J.H.G. Bronzwaer
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over kennelijk onredelijk ontslag na langdurige arbeidsongeschiktheid
De werknemer was sinds 1975 in dienst bij Meulenbeld en werd in 2004 arbeidsongeschikt nadat zijn werkplekken kwamen te vervallen. Meulenbeld bood ander werk aan, maar de werknemer kon door arbeidsongeschiktheid niet werken. Na meer dan twee jaar arbeidsongeschiktheid verleende het CWI ontslagvergunning aan Meulenbeld, waarna de arbeidsovereenkomst eindigde zonder vergoeding.
De werknemer stelde dat het ontslag kennelijk onredelijk was op grond van artikel 7:681 lid 2 sub b BW Pro, onder meer vanwege onvoldoende reïntegratie-inspanningen en persoonlijke betrokkenheid van de werkgever. Het hof oordeelde dat Meulenbeld adequaat had gehandeld, onder andere door het inschakelen van een mediator, het aanbieden van passend werk, en het inschakelen van een reïntegratiebedrijf toen duidelijk werd dat terugkeer niet mogelijk was.
Verder was de arbeidsongeschiktheid niet aan Meulenbeld toe te rekenen en was er onvoldoende onderbouwing dat de werknemer niet meer in loondienst zou kunnen werken. De kantonrechter had het ontslag kennelijk onredelijk geoordeeld en een schadevergoeding toegekend, maar het hof vernietigde dit en wees de vorderingen af. De werknemer werd veroordeeld in de kosten van beide instanties.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis van de kantonrechter en wijst de vorderingen van de werknemer af wegens onvoldoende grond voor kennelijk onredelijk ontslag.