ECLI:NL:GHARN:2009:BI8503
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- C.G. ter Veer
- P.L.R. Wefers Bettink
- B.M. Mens
- Rechtspraak.nl
Uitleg samenlevingsovereenkomst en aanspraken op overwaarde woning en pensioen
Partijen sloten in 1990 een samenlevingsovereenkomst met als doel afspraken te maken over hun gezamenlijke vermogen en zekerheid voor de vrouw. De woning aan de [adres A], die uit de familie van de man kwam, werd expliciet genoemd in de overeenkomst vanwege de overwaarde die bij beëindiging verdeeld zou worden. De vrouw verwachtte aanspraak op de helft van de overwaarde en een pensioenvoorziening, terwijl de man stelde dat het opgebouwde vermogen buiten de woning niet gedeeld werd.
Het hof heeft de overeenkomst uitgelegd aan de hand van de bewoordingen, verklaringen en redelijkheid en billijkheid. Hoewel de vrouw geen aanspraak heeft op het door de man opgebouwde vermogen of een aanvullende pensioenvoorziening, heeft zij recht op de helft van de overwaarde van de woning aan de [adres A] per september 2004, het moment van beëindiging van de samenleving. De waarde wordt bepaald op basis van de vrije onderhandse verkoopwaarde minus hypothecaire leningen die specifiek op deze woning rusten.
De zaak is verwezen naar een roldatum voor nadere vaststelling van de waarde en hypothecaire lasten. Het hof verwierp de vordering van de vrouw tot aanspraak op pensioen anders dan het partnerpensioen zoals in de overeenkomst geregeld. De procedure wordt voortgezet met nader onderzoek en partijen krijgen gelegenheid zich uit te laten over de waardebepaling.
Uitkomst: De vrouw heeft recht op de helft van de overwaarde van de woning aan de [adres A] bij beëindiging van de samenleving, maar geen aanspraak op pensioen of het opgebouwde vermogen van de man.