ECLI:NL:GHARN:2009:BJ0833
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- P.H. van Ginkel
- R.A. Dozy
- G. de Groot
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid benzinepomphouder voor val bezoeker over losliggende slangen
Op 8 mei 2006 is appellante tijdens een tankbeurt bij een benzinestation gevallen doordat zij struikelde over benzineslangen die los op de grond lagen. Zij liep daarbij polsletsel op en vorderde schadevergoeding van de pomphouder, geïntimeerde, die eigenaar of exploitant was van het benzinestation.
De rechtbank wees de vorderingen af omdat er geen sprake was van een gebrek aan de benzineslangen. Appellante ging in hoger beroep en voerde vier grieven aan, waaronder het niet toepassen van de onrechtmatige daad (art. 6:162 BW Pro), kwalitatieve aansprakelijkheid voor gebrekkige zaken en opstallen (art. 6:173 en Pro 6:174 BW), de omkeringsregel en de billijkheidscorrectie.
Het hof oordeelde dat de situatie met de losliggende slangen weliswaar gevaarlijk was, maar dat appellante bekend was met de situatie en zelf had gezien dat de slangen op de grond lagen. Een waarschuwing zou haar val niet hebben voorkomen, zodat geen causaal verband bestond. Ook was niet gebleken dat de benzinepompinstallatie niet voldeed aan de redelijke veiligheidsnormen, zodat geen sprake was van een gebrekkige opstal. De grieven faalden en het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank.
Appellante werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het arrest is gewezen door drie raadsheren en uitgesproken op 26 mei 2009.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van appellante af wegens ontbreken van aansprakelijkheid.