ECLI:NL:GHARN:2009:BJ8538
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- R.F.C. Spek
- C.M. Ettema
- M.C.M. de Kroon
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen navorderingsaanslagen inkomstenbelasting directeur woningbouwvereniging
Belanghebbende, directeur van een woningbouwvereniging, werd geconfronteerd met navorderingsaanslagen inkomstenbelasting over de jaren 1997 tot en met 2000. Deze aanslagen waren gebaseerd op vermoedens van belastingfraude en corruptie, waarbij hij gunsten in geld en natura van toeleveranciers zou hebben ontvangen. Diverse verklaringen van leveranciers en medewerkers ondersteunden deze verdenkingen.
De rechtbank had het beroep tegen de navorderingsaanslagen over 1997 en 1998 ongegrond verklaard, maar de aanslagen over 1999 en 2000 verminderd. Belanghebbende stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. Het Hof onderzocht onder meer de waarde van een chalet dat belanghebbende verkreeg, contante betalingen door leveranciers, reizen en privé-uitgaven betaald door derden, en het gebruik van een loods.
Het Hof achtte het aannemelijk dat belanghebbende voordelen uit zijn dienstbetrekking had genoten die niet volledig waren aangegeven. Echter, het Hof corrigeerde enkele posten, zoals het gebruik van de loods dat al in de chaletwaarde was verwerkt, en bepaalde contante betalingen die niet overtuigend waren aangetoond. Uiteindelijk vernietigde het Hof de uitspraak van de rechtbank voor de jaren 1997, 1998 en 1999 en stelde het de navorderingsaanslagen lager vast dan de Inspecteur had gedaan. Voor het jaar 2000 bleef de uitspraak van de rechtbank in stand.
Daarnaast veroordeelde het Hof de Inspecteur tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Tegen deze uitspraak kunnen partijen beroep in cassatie instellen bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het hoger beroep is deels gegrond verklaard en de navorderingsaanslagen over 1997, 1998 en 1999 zijn verminderd.