ECLI:NL:GHARN:2010:BL1448
Gerechtshof Arnhem
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Vergoeding kosten raadsman na vrijspraak en beoordeling declaraties
Verzoeker is vrijgesproken van de tenlastelegging en heeft een verzoek ingediend tot vergoeding van de kosten van zijn raadsman op grond van artikel 591a Sv. De raadsman had twee vrijwel identieke declaraties ingediend, waarvan één een vervangende declaratie betrof met een hoger bedrag, maar deze was onjuist gedateerd en opgesteld.
Het hof achtte het onjuist dat de raadsman een vervangende declaratie had opgesteld zonder een nieuw nummer en datum na de vrijspraak, en besloot deze buiten beschouwing te laten. De oorspronkelijke declaratie werd wel in aanmerking genomen.
Het hof mat de vergoeding op grond van billijkheid en het beleid omtrent reistijd en achtte de gedeclareerde tijd bovenmatig. Uiteindelijk werd een vergoeding van € 15.540 toegekend, inclusief een bedrag voor de kosten van het verzoekschrift.
De beschikking werd gegeven door het hof in Arnhem op 18 januari 2010, waarbij het verzoek deels werd toegewezen en het meerdere werd afgewezen.
Uitkomst: Het hof kent een vergoeding van € 15.540 toe voor de kosten van de raadsman na vrijspraak, waarbij een onjuiste vervangende declaratie buiten beschouwing wordt gelaten.