ECLI:NL:GHARN:2010:BL3718
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Navorderingsaanslag inkomstenbelasting over terugbetaling betaaldvoetbalorganisatie aan geldverstrekker
Belanghebbende, directeur en groot aandeelhouder van een beheermaatschappij, verstrekte in 1995 via zijn vennootschap een lening aan een betaaldvoetbalorganisatie, de Stichting, die een speler onder contract had. De lening werd terugbetaald gekoppeld aan de transfersom van deze speler. De Inspecteur legde een navorderingsaanslag op omdat het voordeel uit deze transactie als inkomsten uit vermogen werd aangemerkt.
Na eerdere procedures en een verwijzing door de Hoge Raad behandelde het Gerechtshof Arnhem het geschil. Het Hof oordeelde dat de overeenkomst een geldleningsovereenkomst was met een variabele rentevergoeding afhankelijk van de transfersom. Het economische eigendom van de transfersom was niet overgedragen aan de geldgevers. Belanghebbende was op de hoogte van de overeenkomst en de fiscale gevolgen.
Het beroep van belanghebbende op het gelijkheidsbeginsel werd buiten behandeling gelaten. Het Hof bevestigde dat het genoten voordeel tot inkomsten uit vermogen behoort en dat de navorderingsaanslag en de boete van 10% terecht zijn opgelegd. Tevens werd belanghebbende in de proceskosten veroordeeld.
Uitkomst: De navorderingsaanslag en verhoging worden verminderd, de boete van 10% blijft gehandhaafd en de Inspecteur wordt veroordeeld in de proceskosten.