ECLI:NL:GHARN:2010:BL7197
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof Arnhem oordeelt over overschrijding opbrengstlimiet rioolrechten gemeente Heerlen
Belanghebbende was eigenaar en gebruiker van een onroerende zaak in Heerlen en kreeg voor 1997 aanslagen rioolrecht opgelegd. Na bezwaar en beroep vernietigde het gerechtshof ’s-Hertogenbosch de aanslagen en verminderde deze. De Hoge Raad vernietigde deze uitspraak en verwees de zaak terug naar het Gerechtshof Arnhem met instructies over de opbrengstlimiet.
Het geschil betrof de vraag of de opbrengstlimiet van artikel 229b Gemeentewet was overschreden en of dit leidde tot algehele of partiële onverbindendheid van de tariefstelling. Het hof toetste afzonderlijk het rioolrecht eigenaren en gebruikers, waarbij posten zoals bergbezinkbassin en perceptiekosten niet tot de toegestane lasten behoorden.
Het hof oordeelde dat de post bergbezinkbassin niet aan de lastenzijde mocht worden opgenomen omdat het bassin in beheer was bij het zuiveringsschap. De post perceptiekosten mocht echter niet aan de lastenzijde worden opgenomen, maar wel aan de batenzijde in mindering worden gebracht. De geraamde baten gingen niet in betekenende mate boven de lasten uit, zodat slechts partiële onverbindendheid van toepassing was.
De aanslagen werden dienovereenkomstig verminderd. Tevens werd de ambtenaar veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het Gerechtshof Arnhem verklaart het beroep gegrond en vermindert de aanslagen rioolrecht eigenaren en gebruikers overeenkomstig de partiële onverbindendheid van de tariefstelling.