ECLI:NL:GHARN:2010:BM1965
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- P.H. van Ginkel
- R.A. Dozy
- C.J. Laurentius-Kooter
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over non-conformiteit woning en klachtplicht bij gebreken fundering uitbouw
Appellanten kochten op 6 februari 2006 een woning met een uitbouw die in 2004 in eigen beheer was gerealiseerd door geïntimeerden. Kort na levering constateerden zij grote scheuren in de uitbouw, waarna een bouwkundig adviesbureau een rapport opstelde waarin werd geadviseerd de fundering en vloer grondig te herstellen. Appellanten stelden geïntimeerden aansprakelijk, maar deze wezen de aansprakelijkheid af.
In eerste aanleg werd het geschil beperkt tot de vraag of appellanten tijdig hadden geklaagd over de gebreken, zoals vereist door artikel 7:23 BW Pro. De rechtbank wees de vordering af wegens niet tijdige klacht. In hoger beroep betoogden appellanten dat de onderzoeksplicht niet gold omdat geïntimeerden de gebreken aan de fundering hadden verzwegen in het informatieformulier, en dat de woning niet voldeed aan de garantie voor normaal gebruik volgens de koopovereenkomst.
Het hof oordeelde dat de mededeling van geïntimeerden in het informatieformulier dat er geen gebreken aan de fundering waren, de onderzoeksplicht van appellanten uitsloot. Appellanten hadden na ontdekking van het gebrek tijdig geklaagd. Het hof volgde geïntimeerden niet in hun stelling dat de gebreken aan de fundering normaal gebruik niet belemmerden. Het hof achtte nadere deskundige informatie en een comparitie nodig om de aard en omvang van het gebrek te beoordelen en gaf partijen de gelegenheid tot het zoeken van een minnelijke regeling. Het hoger beroep werd deels niet-ontvankelijk verklaard en verdere beslissing aangehouden.
Uitkomst: Hof verklaart hoger beroep deels niet-ontvankelijk en gelast comparitie voor nader onderzoek en minnelijke schikking.