ECLI:NL:GHARN:2010:BM6775
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- A.J. Kromhout
- J.P.M. Kooijmans
- A.O. Lubbers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over toepassing kwijtscheldingswinstvrijstelling bij vrijval schuld en waardering onroerende zaken
Belanghebbende, een vennootschap die participeert in vastgoedmaatschappen F I en F II, had voor het boekjaar een belastbaar bedrag opgegeven inclusief een bedrag aan vrijgestelde kwijtscheldingswinst. De inspecteur verhoogde dit bedrag, waarna belanghebbende bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank. De rechtbank vernietigde de aanslag en stelde het belastbaar bedrag aanzienlijk lager vast.
De kern van het geschil betrof de vraag of de vrijval van de schuld aan G B.V. in samenhang met het verlies op de onroerende zaken moest worden gewaardeerd, en of de kwijtscheldingswinstvrijstelling van toepassing was. De inspecteur stelde dat de schuld nihil moest worden gewaardeerd, waardoor geen ruimte voor de vrijstelling zou zijn.
Het hof oordeelde dat zelfs bij samenhangende waardering het voordeel uit de waardering van de schuld moet worden aangemerkt als een voordeel uit het prijsgeven van niet voor verwezenlijking vatbare rechten, waardoor de kwijtscheldingswinstvrijstelling van toepassing blijft. Het hoger beroep van de inspecteur werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Daarnaast veroordeelde het hof de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende en wees het griffierecht toe. De uitspraak werd gedaan door het tweede meervoudige belastingkamer van het Gerechtshof Arnhem op 18 mei 2010.
Uitkomst: Het hoger beroep van de inspecteur wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.