ECLI:NL:GHARN:2010:BN0911
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Exploitant sekswinkel mag pand op grond van vertrouwensbeginsel tot privévermogen rekenen
Belanghebbende exploiteerde een sekswinkel en privéclub in een pand dat hij sinds 1978 in privévermogen hield. De Inspecteur stelde bij navorderingsaanslag 2002 dat het pand tot het ondernemingsvermogen behoorde, wat leidde tot een belastingcorrectie en boete. De Rechtbank vernietigde deze aanslag en boete, oordeelde dat het vertrouwensbeginsel van toepassing was en dat het pand terecht tot het privévermogen werd gerekend.
De Inspecteur ging in hoger beroep en betwistte het vertrouwensbeginsel, stellende dat het pand duidelijk tot het ondernemingsvermogen behoorde en dat het eerdere rapport was vervangen. Het Hof oordeelde dat het voorlopige controlerapport van november 2001 voldoende vertrouwen wekte dat het pand als privévermogen werd aangemerkt, en dat het latere rapport van juli 2002 dit vertrouwen niet had opgeheven.
De Inspecteur stelde dat belanghebbende te kwader trouw was en zich niet op het vertrouwensbeginsel kon beroepen, maar het Hof vond geen aanwijzingen dat het vertrouwen was gebaseerd op onjuiste informatie. Het Hof bevestigde daarom de uitspraak van de Rechtbank, vernietigde de navorderingsaanslag, boetebeschikking en heffingsrente, en veroordeelde de Inspecteur in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat het pand terecht tot het privévermogen behoort en vernietigt de navorderingsaanslag en boetebeschikking.