ECLI:NL:GHARN:2010:BN1679
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek reiskosten studie fiscaal recht wegens wettelijke uitsluiting en geen discriminatie
Belanghebbende, werkzaam bij de Belastingdienst, maakte aanspraak op aftrek van reiskosten voor een studie fiscaal recht over de jaren 2002 tot en met 2004. De Inspecteur corrigeerde deze aftrek op grond van artikel 6.28 Wet IB 2001, omdat reiskosten niet als scholingsuitgaven aftrekbaar zijn. Belanghebbende stelde dat hij op grond van het vertrouwensbeginsel mocht rekenen op aftrek, omdat de Inspecteur de aanslag 2001 zonder correctie had opgelegd, en dat er sprake was van discriminatie omdat werkgevers wel belastingvrije vergoedingen kunnen geven.
De Rechtbank Arnhem wees de beroepen ongegrond en het Gerechtshof bevestigde deze uitspraak. Het Hof oordeelde dat het opleggen van de aanslag 2001 geen vertrouwen heeft gewekt dat aftrek ook voor latere jaren zou gelden, mede omdat belanghebbende als medewerker van de Belastingdienst bekend moest zijn met de fiscale regels en de gang van zaken. Daarnaast is de uitsluiting van reiskosten als scholingsuitgaven niet discriminerend, omdat de wetgever een ruime beoordelingsvrijheid heeft en de keuze om reiskosten uit te sluiten gebaseerd is op uitvoeringsproblemen en het gemengde karakter van die kosten.
Het beroep op het vertrouwensbeginsel en het gelijkheidsbeginsel faalt, en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard. De beschikking heffingsrente wordt bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling uitgesproken. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank Arnhem bevestigd.