ECLI:NL:GHARN:2010:BN3364
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Uitleg en toepassing overgangsrecht pachtovereenkomsten tussen pachters en Avebe
In deze zaak stonden zeven procedures centraal waarin pachters van Avebe hoger beroep instelden tegen het besluit van Avebe om na afloop van hun eenmalige 12-jarige pachtovereenkomst geen nieuwe pachtovereenkomst aan te bieden. De pachters stelden dat op grond van afspraken uit 1973 zij recht hadden op nieuwe pachtovereenkomsten met wettelijke verlengingsmogelijkheden en voorkeursrecht, dan wel dat zij de gronden tegen verpachte waarde konden kopen.
Het hof onderzocht de afspraken uit 1973 en de daaropvolgende gedragingen van partijen. Uit de notulen en correspondentie bleek dat Avebe de pachters meerdere korte pachtovereenkomsten had aangeboden en uiteindelijk een eenmalige 12-jarige pachtovereenkomst, conform artikel 70f lid 5 Pw. De pachters hadden nooit verlenging gevraagd en waren op de hoogte dat de nieuwe pachtovereenkomsten geen verlengingsmogelijkheid boden.
Het hof oordeelde dat de pachters de afspraak uit 1973 niet zodanig mochten interpreteren dat zij een recht op voortdurende pacht of eigendom hadden. Avebe had haar verplichtingen nagekomen en handelde niet onrechtmatig. Het incidenteel hoger beroep van Avebe werd niet-ontvankelijk verklaard. De vonnissen van de pachtkamer werden bekrachtigd en de pachters werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de vonnissen en wijst de vorderingen van de pachters af.