ECLI:NL:GHARN:2010:BO3716
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging navorderingsaanslagen en vergrijpboete wegens onterecht geclaimde zelfstandigenaftrek
Belanghebbende, een ondernemer met een eenmanszaak, had voor de jaren 2002, 2003 en 2004 zelfstandigenaftrek geclaimd terwijl hij niet voldeed aan het urencriterium van 1225 uur per jaar. Na een onderzoek door het UWV, waarbij fraude-inspecteur C werkbriefjes controleerde, stelde de Belastingdienst navorderingsaanslagen en vergrijpboetes vast.
Belanghebbende voerde aan dat het UWV-onderzoek onrechtmatig was verkregen en dat de Inspecteur al eerder op de hoogte had moeten zijn van het feit dat hij niet voldeed aan het urencriterium. Het hof oordeelde dat het onderzoek rechtmatig was en dat de Inspecteur niet eerder hoefde te weten dat de zelfstandigenaftrek onterecht was. Ook was geen sprake van een overschrijding van een redelijke verwerkingstermijn.
Verder stelde belanghebbende dat hij de fouten niet kon worden toegerekend omdat een adviseur de aangiften had opgesteld. Het hof vond dit ongeloofwaardig omdat belanghebbende wist of had moeten weten dat hij niet aan het urencriterium voldeed en dat hij de aangiften zelf had ondertekend. Het hof concludeerde dat sprake was van grove schuld en bevestigde de navorderingsaanslagen, boetes en heffingsrente.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werden geen proceskosten aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de navorderingsaanslagen en vergrijpboetes worden bevestigd.