ECLI:NL:GHARN:2010:BO6738
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Uitleg erfdienstbaarheid bij appartementsrechten en afstand daarvan
In deze civiele zaak stond de uitleg van een erfdienstbaarheid centraal, gevestigd in een notariële splitsingsakte van 1994, waarbij het ging om het recht van weg ten behoeve van appartementsrechten op een perceel te Lochem. Geïntimeerden, houders van 60 van de 96 appartementsrechten, vorderden medewerking van Buitencentrum Ruighenrode aan afstand van deze erfdienstbaarheid.
De rechtbank had eerder de vordering toegewezen met een jaarlijkse bijdrage aan Buitencentrum Ruighenrode. Het hof oordeelde dat Buitencentrum Ruighenrode niet ontvankelijk was in haar vordering tot betaling van retributies en vernietigde eerdere vonnissen. Het hof stelde vast dat de akte niet eenduidig was, maar concludeerde dat er sprake is van één erfdienstbaarheid ten behoeve van de gezamenlijke appartementseigenaren.
Dit betekent dat alleen gezamenlijk afstand kan worden gedaan van de erfdienstbaarheid en dat individuele appartementseigenaren dit niet kunnen. Het hof matigde de dwangsom en veroordeelde geïntimeerden in de kosten. De vorderingen van geïntimeerden werden afgewezen en het arrest is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof wijst de vorderingen van geïntimeerden af en bepaalt dat alleen de gezamenlijke appartementseigenaren afstand kunnen doen van de erfdienstbaarheid.