ECLI:NL:GHARN:2010:BP1114
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- R.Ch. Verschuur
- F.J. Streppel
- B.J.H. Hofstee
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vrees voor verduistering bij invordering naheffingsaanslag loonbelasting
De ontvanger van de Belastingdienst legde op 11 maart 2003 executoriaal beslag op de bedrijfsinventaris van een visfileerbedrijf wegens een naheffingsaanslag loonbelasting van € 47.600,-, die later werd verminderd tot € 7.159,- na bezwaar. De ontvanger stelde dat er gegronde vrees voor verduistering bestond, mede vanwege het verleden van een bedrijfsleider die bij een andere onderneming goederen aan beslag onttrok.
Het hof oordeelde dat de enkele omstandigheid dat de bedrijfsleider in het verleden onttrekkingen pleegde bij een andere onderneming onvoldoende is om vrees voor verduistering bij deze onderneming aan te nemen. Ook de ondeugdelijke boekhouding en het ontbreken van andere vermogensbestanddelen rechtvaardigen die vrees niet. Het stilzitten van de belastingdienst met betrekking tot de boekhouding mocht niet ten nadele van de belastingplichtige strekken.
De ontvanger kon niet aantonen dat de privé-opname van € 40.000,- niet verantwoord was, noch dat de belastingplichtige opzettelijk loonbelasting niet had afgedragen. De griefs van de ontvanger faalden, en het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank dat het beslag en de executie onrechtmatig waren. De ontvanger werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat er geen gegronde vrees voor verduistering bestond en veroordeelt de ontvanger in de proceskosten.