ECLI:NL:GHARN:2010:BQ0739
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- W.L. Valk
- H.L. van der Beek
- Th.C.M. Willemse
- L.L.M. de Lorijn
- H.B.M. Duenk
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis over uitsluiting doorberekening waterschaps- en ruilverkavelingslasten in pachtovereenkomst
In deze civiele zaak stond centraal of de verpachter de waterschaps- en ruilverkavelingslasten aan de pachters mocht doorberekenen na wijziging van de Pachtwet in 1995. De pachters stelden dat zij en de verpachter bij het aangaan van de pachtovereenkomst in 1982 hadden afgesproken dat deze lasten niet aan hen zouden worden doorberekend, ondanks de wettelijke wijziging.
Het hof heeft uitgebreid bewijs overwogen, waaronder getuigenverklaringen van pachters en verklaringen van betrokkenen, waaruit blijkt dat de verpachter deze lasten vanaf 1995 niet in rekening heeft gebracht en op de hoogte was van de wetswijziging. De aard en duur van de rechtsverhouding en de verklaringen ondersteunen de conclusie dat partijen de doorberekening wilden uitsluiten.
De appellanten konden onvoldoende tegenbewijs leveren om deze afspraak te ontkrachten. Het hof oordeelde dat de pachtkamer in eerste aanleg terecht had geoordeeld dat de pachters de betaalde waterschapslasten vanaf 2001 terugbetaald moesten krijgen.
Het hoger beroep werd verworpen en het vonnis van de pachtkamer van 29 april 2008 werd bekrachtigd. De appellanten werden veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep faalt en het vonnis van de pachtkamer wordt bekrachtigd waarbij de appellanten worden veroordeeld tot terugbetaling van de waterschapslasten.