ECLI:NL:GHARN:2011:BP1622
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vermindering proceskostenveroordeling wegens beroepsmatige rechtsbijstand in WOZ-procedure
In deze zaak stond de proceskostenveroordeling in een WOZ-procedure centraal, waarbij de Inspecteur in hoger beroep opkwam tegen de uitspraak van de Rechtbank Arnhem. De Rechtbank had de Inspecteur veroordeeld tot betaling van proceskosten, waaronder kosten van een taxateur die beroepsmatig rechtsbijstand verleende.
Het hof oordeelde dat de bijstand van de taxateur tijdens de zitting als beroepsmatig moet worden aangemerkt, conform de toelichting bij het Besluit proceskosten fiscale procedures. De kosten die betrekking hebben op de bezwaarfase konden echter niet worden meegenomen omdat niet was voldaan aan de vereisten voor vergoeding van kosten in die fase.
Daarom werd de proceskostenveroordeling verminderd van €1.127 naar €161, zijnde de kosten voor de beroepsmatige rechtsbijstand tijdens de zitting. Het hof vernietigde het deel van het vonnis dat betrekking had op de proceskosten en bevestigde de rest van de uitspraak van de rechtbank.
Beide partijen kregen de mogelijkheid om binnen zes weken cassatieberoep in te stellen bij de Hoge Raad. De uitspraak werd gedaan door mr. R. den Ouden, voorzitter, mr. A.J. Kromhout en mr. M.G.J.M. van Kempen op 11 januari 2011.
Uitkomst: De proceskostenveroordeling van de Inspecteur wordt verminderd tot €161 voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand tijdens de zitting.