ECLI:NL:GHARN:2011:BP8220
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- L.M. Croes
- C.J. Laurentius-Kooter
- S.D. Lindenbergh
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnissen inzake reclametermijn en bewijslast bij gebrekkige boomlevering
Brienissen Bomen B.V. bestelde in november 2006 bomen bij een Italiaanse leverancier voor €50.115,-. De bomen werden in vijf leveringen opgehaald, waarvoor facturen werden gestuurd die niet betaald zijn. Brienissen klaagde over de leveringen, maar de rechtbank oordeelde dat zij niet tijdig had geklaagd over de eerste vier leveringen en onvoldoende had onderbouwd dat de vijfde levering ondeugdelijk was. De rechtbank wees daarom de vordering tot betaling toe en wees de schadevergoeding af.
In hoger beroep betwistte Brienissen de toepassing van een reclametermijn van vijf werkdagen uit de algemene voorwaarden, stellende dat dit niet redelijk is volgens het Weens Koopverdrag (WKv). Het hof stelde vast dat het WKv van toepassing is, maar dat partijen afwijking van het WKv kunnen overeenkomen. De reclametermijn in de algemene voorwaarden geldt als fatale termijn en is niet onredelijk gelet op de handelspraktijk en professionele partijen.
Verder stelde Brienissen dat de bewijslast omgekeerd moest worden omdat de leverancier niet op klachten had gereageerd. Het hof verwierp dit, omdat Brienissen degene is die stelt dat de bomen niet deugdelijk waren en die haar stellingen moet onderbouwen. Ook het verzoek tot bewijslevering werd afgewezen omdat Brienissen onvoldoende concrete stellingen had gedaan over de gebreken van de vijfde levering.
Het hof verklaarde Brienissen niet-ontvankelijk in het hoger beroep tegen het tussenvonnis, bekrachtigde de eerdere vonnissen en veroordeelde Brienissen in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de vonnissen en veroordeelt Brienissen in de kosten van het hoger beroep.