ECLI:NL:GHARN:2011:BQ0615
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging belastingaanslag en afwijzing aftrek ziektekosten en schadevergoeding
Belanghebbende, geboren in 1951, raakte in 1991 door een verkeersongeval arbeidsongeschikt en zijn echtgenote invalide door een ongeval in 1993. Hij ontving een schadevergoeding van €503.385,56 na een civiele procedure tegen een verzekeraar. Voor het jaar 2004 claimde hij aanzienlijke ziektekosten als persoonsgebonden aftrek in zijn aangifte inkomstenbelasting.
De Inspecteur accepteerde slechts een deel van deze kosten en stelde het belastbaar inkomen vast op een lager bedrag dan belanghebbende had opgegeven. De rechtbank had de aanslag verminderd, maar belanghebbende ging in hoger beroep tegen de vaststelling van het belastbaar inkomen en de afwijzing van bepaalde aftrekposten.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de extra kosten voor kleding, beddengoed, een bed, een relaxfauteuil en woningaanpassingen medisch noodzakelijk waren of hoofdzakelijk door zieke personen werden gebruikt. Ook was niet gebleken dat de woningaanpassingen op medisch voorschrift waren aangebracht. Daarnaast werd het verzoek om schadevergoeding afgewezen omdat niet aannemelijk was dat belanghebbende hierdoor schade had geleden.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep van belanghebbende af.