ECLI:NL:GHARN:2011:BQ2815
Gerechtshof Arnhem
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot vergoeding kosten rechtsbijstand na vrijspraak in strafzaak en bestuursrechtelijke procedure
Verzoeker was samen met 31 anderen betrokken bij een strafzaak en een bestuursrechtelijke procedure betreffende de omvang van varkensrechten. Na een langdurige procedure werd verzoeker uiteindelijk vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten, zowel primair als subsidiair. Verzoeker diende vervolgens een verzoek in tot vergoeding van de kosten van rechtsbijstand, conform artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering.
Het hof onderzocht de door verzoeker opgevoerde kosten en constateerde dat de kosten voor de bestuursrechtelijke procedure niet als kosten van de raadsman in de zin van artikel 591a SV konden worden aangemerkt. Daarnaast bleek dat de kosten van rechtsbijstand in de strafzaak door een coöperatieve vereniging en een besloten vennootschap waren betaald, waardoor verzoeker zelf geen kosten had gemaakt die voor vergoeding in aanmerking kwamen.
Verzoeker had ook een second opinion aangevraagd bij een andere advocaat, maar kon niet aantonen dat alle declaraties daadwerkelijk door hem waren betaald. Bij gebrek aan voldoende bewijs wees het hof het verzoek om vergoeding van deze kosten af.
Uiteindelijk kende het hof aan verzoeker een forfaitaire vergoeding van € 540 toe voor de kosten verbonden aan het indienen en behandelen van het verzoekschrift, en wees het overige verzoek af. De beschikking werd uitgesproken door voorzitter Ruys op 24 februari 2011.
Uitkomst: Verzoek tot vergoeding van kosten rechtsbijstand wordt afgewezen, behalve een forfaitaire vergoeding van € 540 voor het indienen en behandelen van het verzoek.