ECLI:NL:GHARN:2011:BQ5007
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Betaling abonnementsgeld en afwijzing rente- en incassokostenvordering
In deze zaak vorderde LIS BV betaling van abonnementsgelden van appellant over de periode augustus 2004 tot en met januari 2008, vermeerderd met contractuele rente en buitengerechtelijke incassokosten. De kantonrechter kende de hoofdsom toe, maar ook de rente en incassokosten. Appellant stelde in hoger beroep dat hij geen overeenkomst had gesloten en dat de overeenkomst door het vonnis van 14 juni 2005 was beëindigd.
Het hof oordeelde dat het bestaan van de overeenkomst vaststond en dat appellant geen geslaagd beroep deed op vernietiging wegens dwaling of bedrog. Wel werd geoordeeld dat de contractuele rentevordering en de incassokosten niet toewijsbaar waren omdat LIS niet had onderbouwd dat appellant de algemene voorwaarden had geaccepteerd. Daarom werden deze vorderingen afgewezen.
De proceskosten werden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. Het hof vernietigde het vonnis voor zover appellant werd veroordeeld tot betaling van rente en incassokosten, bevestigde de hoofdsom van € 2.099,30 en veroordeelde appellant tot betaling daarvan aan LIS.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering tot contractuele rente en incassokosten af en bevestigt de hoofdsom van € 2.099,30.