ECLI:NL:GHARN:2011:BQ5841
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- B.J.J. Melssen
- W. Breemhaar
- B.J.H. Hofstee
- Rechtspraak.nl
Verdeling en regres van hypothecaire lasten bij hoofdelijkheid van schuldenaren
In deze zaak staat centraal of de geïntimeerde gehouden is de helft van de hypothecaire lasten van een appartementsrecht te voldoen aan de appellant vanaf 1 augustus 2007 tot de dag van notariële overdracht. Het hof bevestigt dat partijen hoofdelijk verbonden zijn jegens de bank en dat zij onderling ieder voor de helft verantwoordelijk zijn voor de lasten, tenzij anders is overeengekomen.
Het hof stelt dat regresvorderingen alleen mogelijk zijn voor het meerdere dat een partij heeft voldaan boven zijn aandeel, en dat daarbij rekening moet worden gehouden met het fiscaal voordeel dat de man heeft genoten. Hierdoor wordt het regres beperkt tot de helft van het netto door hem betaalde bedrag.
Verder constateert het hof dat de vertraging in verkoop verband houdt met oververhypothekering, waardoor geen van de verwijten aan partijen gevolgen krijgt. Het hof stelt partijen in de gelegenheid om nadere stukken te overleggen over betalingsachterstanden en fiscaal voordeel, waarna zij op elkaars stukken kunnen reageren.
Gezien deze omstandigheden houdt het hof de beslissing aan en verwijst de zaak naar een latere rolzitting voor verdere behandeling.
Uitkomst: De beslissing wordt aangehouden tot partijen nadere stukken over betalingsachterstand en fiscaal voordeel hebben ingediend.